Blogarchief

maandag 19 mei 2014

VERVOLG KAGNIFELIN - GROOTOUDERS - SOURGAYANKÉBÉ - MEESTERS EN SLAVEN 2

Guinée is een land waar de orale traditie nog bestaat, mede doordat de bevolking voor 75% analfabeet is. Dat is in ons voordeel omdat de verhalen die we zoeken niet in boeken staan.
Rabi, de (half)zuster van Billy, die zeven was toen hun vader overleed, kende de namen van hun opa en oma, dat waren:
Thierno Moundjirou Maci en Djenaba Sourga.

De geschiedenis van Maci:
Thierno Souleyman Sourga kwam uit Macina (de huidige Republiek Mali) en veroverde met een jihad (heilige oorlog) een deel van Pita dat hij Maci noemde (vernoemd naar Macina).
Alle afstammelingen van deze Souleyman Sourga noemt men Sourgayankébé.
Deze man had drie zonen.
De vraag is nu was één van die zonen Billy's opa?

Het onderzoek in Maci door iemand van de gemeente Pita is in volle gang.

Op de terugweg van Bangouya zijn we langs geweest bij de mensen die wonen naast de enorme baobab die er langs de weg staat en die Billy zich uit zijn jeugd herinnert. 
Het is vlakbij de begraafplaats van zijn vader in Santigia. 
Helaas is de smid die hier vroeger woonde overleden.
Billy herinnert zich van toen hij nog heel jong was dat hij bij een bezoek aan Santigia door de smid werd begroet als de zoon van de meester.
De man knielde neer en omvatte zijn voeten en zei: "Ik behoor U toe". 
Billy vond dat heel erg eng, iemand die zei dat hij het bezit was van Billy.
Hij heeft zijn moeder toen gezegd: "Je kunt een mens toch niet bezitten?"
Waarop zijn moeder antwoordde : "Nee dat klopt, maar dat snap je later wel. Noem hem nu maar gewoon tonton (oom)".

Ook Rabi wist dat hun vader een opvliegende man was die je niet met flauwekul moest aankomen. Hij was heel impulsief.
Een andere opvallende gewoonte was dat hij nooit ander eten at dan dat wat thuis in zijn dorp was bereid door zijn vrouwen, er werd altijd iemand naar het dorp gestuurd om het eten te halen waar hij ook was. 
Hij was wat ze noemen een afstammeling van de "beppinobè", degenen die het recht hadden iemand te zwepen. Een heerser zeg maar.

WORDT VERVOLGD.