De eetzaal in avondlicht.
| Bungalows die bij het hotel horen. |
Het hotel heeft kamers maar ook bungalows met uitzicht op de oceaan.
Tussen onze kamer en de oceaan ligt 50 meter strand met hier en daar bomen en palmen die overdag schaduw geven. 's Avonds gaat het aggregaat aan dat zorgt voor elektriciteit en dan is er ook stromend water. We hebben een airco en 's nachts is het koel en we hebben geen last van muggen. Hieronder onze kamer in Bel Air.
We zijn de enige gasten hoe raar is dat.
Er werkt hier 60 man personeel dat zich waarschijnlijk te pletter verveeld alhoewel sommigen, net als de lokale bevolking, op het strand schelpengruis opstapelen dat verkocht wordt. Er staan hier aan de rand van de baai honderden stapels zand met schelpengruis. Het schelpengruis gaat door het kippenvoer dat hier bestaat uit visschubben....Het interesseert ze niet dat ze op die manier het strand smaller maken. Ze zouden er beter aan doen het schelpengruis eruit te zeven.
Nu wordt het met zand en al met vrachtwagens vol afgevoerd naar o.a. Conakry.
We eten hier en hebben een redelijke prijs bedongen net als voor de kamer. De middagmaaltijden bestaan uit geroosterde vis (capitaine) en gemengde salade of erwtjes. Geen hoogstaande kookkunst maar goed te doen voor drie dagen. 's Avonds om 20.00 uur eten we allebei een salade. Bij het ontbijt krijgen we een omelet die ik ook eet anders kom ik niet aan mijn eiwitten.
Sinds vanochtend hebben we allebei een strandstoel. Gisteren deelden we er één, een strandhotel zonder strandstoelen dat kan alleen in Guinée.
Billy is al een paar keer wezen zwemmen die was zo goochem om z'n zwembroek mee te nemen. Rond het middaguur is het hier momenteel vloed.
We zijn wezen kijken naar een stuk kust dat te koop is. Officieel hoor je 50 m. van de vloedlijn geen gebouwen neer te zetten maar daar houdt niemand zich aan. Alleen al om speculatieve redenen zou je hier grond moeten kopen.
Stel je voor: je eigen palmenstrand voor de deur, Billy ziet het helemaal zitten, zelf zie ik de overstromingen al voor me en hoe het strand smaller wordt door het winnen van schelpengruis. Het land achter de vloedlijn is op de meeste plaatsen nog geen meter hoger! En dat met de wetenschap van stijgende oceanen....
Als er hier een vloedgolf van 2 meter zou komen waren veel mensen hun huisje kwijt denk ik.
Er zijn hier al enkele buitenlanders die grond langs de kust gekocht hebben. Als het toerisme eenmaal op gang gaat komen wordt het hier het Marbella van Guinée vrees ik.
De onzekerheid, de straffeloosheid, de corruptie en nu de Ebola zorgen ervoor dat toerisme hier geen naam heeft. De enige toeristen die het wagen zijn kleine groepjes jongeren die voor dans- of djembélessen komen en nu en dan een backpacker.
We boffen dat hier niemand is behalve wij.